In 2025 zijn de regels voor het transport van asbestafval in Vlaanderen grotendeels gebaseerd op de ADR-regelgeving, omdat asbest geclassificeerd is als een gevaarlijke stof (UN2212 voor amfibool en UN2590 voor chrysotiel). Voor transport van asbestafval dat onder de toegestane uitzonderingen valt, geldt echter een individuele vergunning (nr. 2024/42) via een sectorprotocol die een versoepeling op sommige ADR-verplichtingen toestaat. In dit artikel krijg je een antwoord op de meest gestelde vragen over de transportregels voor asbestafval in Vlaanderen. Je leest meer over de verplichte chauffeursopleidingen, verpakkingsvereisten, signalisatie, boorddocumenten en het uiteindelijke verwerkingsproces. Ook de afwijkingen op de ADR-regels, wat dit betekent voor je organisatie en hoe de overheid de sector informeert, komen uitgebreid aan bod.
Wat zijn de basisregels voor het transport van asbestafval in Vlaanderen?
De basisregels voor het transport van asbestafval in Vlaanderen zijn gebaseerd op de ADR-wetgeving gecombineerd met een sectorprotocol “veilig transport asbestafval” dat werd opgesteld door OVAM, Departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW), Denuo, VAB, VVSG, Embuild en Bouwunie. Volgens het protocol is transport onder minder strikte ADR-richtlijnen mogelijk mits naleving van specifieke voorwaarden.
Welke ADR-codes gelden voor asbestafval?
De ADR-codes voor asbestafval zijn UN2212 voor amfiboolhoudend asbest (zoals crocidoliet) en UN2590 voor chrysotiel, de meest courante vorm van asbestcement.
Wat houdt het sectorprotocol in?
Het sectorprotocol laat onder bepaalde voorwaarden toe af te wijken van het volledige ADR-kader. Het betreft onder meer <strongongedemonteerde of eenvoudig demonteerbare asbesttoepassingen zoals golfplaten, leidingisolatie en hechtgebonden panelen.
Wat is individuele vergunning 2024/42?
Vergunning 2024/42 werd verleend om op een gestandaardiseerde manier af te wijken van enkele ADR-vereisten op basis van het protocol dat het transport veiliger en eenvoudiger maakt. Deze geldt tot 31 december 2025.
Wat zijn de voorwaarden om onder het sectorprotocol te mogen werken?
Om asbestafval te vervoeren volgens de sectorale afwijking moet aan diverse protocollaise voorwaarden voldaan worden zoals opleiding, voertuiguitrusting, verpakking en administratie.
Welke opleidingen zijn verplicht voor chauffeurs?
Chauffeurs moeten een specifieke opleiding volgen van minstens 7 uur. Dit kan via een CODE 95-moduul of een opleiding ‘eenvoudige handelingen’. Elke onderneming krijgt hiervoor een overgangstermijn van één jaar.
Wanneer is gevaarsignalering op het voertuig verplicht?
De gevaarsignalering (oranje ADR-plaat) op het voertuig is vereist zodra er meer dan 1000 kg asbestafval vervoerd wordt.
Welke typen asbest vallen onder het protocol?
Onder het protocol vallen hechtgebonden asbestmaterialen zoals golfplaten, asbestcementbuizen of leien. Niet-hechtgebonden asbest valt niet of enkel onder specifieke verplichte maatregelen.
Hoe moet asbestafval verpakt worden tijdens transport?
Asbestafval moet verpakt worden in lekvrije, scheurbestendige en drukvaste verpakkingen die verplicht gesloten zijn en voldoen aan ADR-verpakkingsinstructies tenzij anders opgenomen in het sectorprotocol.
Wat is de juiste verpakking voor hechtgebonden asbest?
Hechtgebonden asbest wordt gewoonlijk vervoerd in gecertificeerde bigbags, verzegelde containers of wrappallets binnen gesloten vrachtwagens of aanhangwagens.
Welke regeling geldt voor niet-hechtgebonden asbest?
Niet-hechtgebonden asbest moet dubbel verpakt worden in hermetisch afgesloten zakken of vaten. Transport gebeurt steeds in volledig gesloten voertuigen of containers.
Wat zijn de etiketteringsvereisten?
Verpakkingen moeten voorzien zijn van het internationaal gevaarsymbool voor asbest, UN-nummer en het correcte ADR-etiket klasse 9.
Welke documenten moeten aanwezig zijn tijdens het transport?
Volgende boorddocumenten moeten verplicht aan boord zijn bij elk transport van asbestafval.
Document | Verplichting |
---|---|
Opleidingscertificaat chauffeur | Bewijs van gevolgde opleiding asbesttransport |
Digitaal identificatieformulier afvaltransport | Afgedrukt of beschikbaar op een digitaal toestel |
Veiligheidsfiche | Risicoanalyse met informatie over het afval |
PBM-overzicht | Welke beschermingsmiddelen beschikbaar zijn |
Toepasselijk sectorprotocol | Bij afwijking op ADR-regelgeving |
Wat moet een chauffeur doen voor vertrek?
De chauffeur moet voor vertrek een verplichte zelfcontrole uitvoeren. Dit betreft het nazicht van correcte verpakking, transportdocumenten en signalisatie. Pas na positieve controle start het transport.
Welke checklist wordt hiervoor gebruikt?
De zelfcontrole omvat onder andere:
- Controle van het type verpakking (bigbag, container)
- Verzegeling en etikettering
- Aanwezigheid van ADR-borden
- Controle van PBM’s
- Controle van boorddocumenten
Hoe verloopt de handhaving en inspectie?
De handhaving van het transportprotocol gebeurt door De Vlaamse Inspectiediensten i.s.m. de politie en OVAM. Ze voeren steekproeven uit op routes, bij afvalverwerkers en bij de verzender.
Wat zijn de belangrijkste boetes bij overtreding?
De administratieve boetes voor niet-naleving kunnen oplopen tot €25.000. Vooral tekortkomingen in de verpakking, de opleidingen en het ontbreken van documenten worden strikt gesanctioneerd.
Naar welke verwerkingsinstallaties wordt het afval gebracht?
Asbestafval wordt uitsluitend afgevoerd naar erkende verwerkingsinstallaties die over een MILIEUVERGUNNING en een erkenning door OVAM beschikken. In Vlaanderen zijn dit vaak gespecialiseerde bedrijven zoals Indaver of Grondbank.
Hoe wordt de sector geïnformeerd over de regels?
De Vlaamse overheid en sectororganisaties informeren via webinars, nieuwsbrieven, infobrochures en opleidingsmodules. Het Actieplan Asbestafbouw Vlaanderen ondersteunt dit proces met gerichte communicatie.
Wat is de link tussen transport en het breder beleid rond asbestverwijdering?
Het protocol past binnen het Actieplan Asbestafbouw dat tegen 2040 mikt op een asbestveilig Vlaanderen. Door een veilig afgewerkt transporttraject te voorzien, ondersteunt het beleid zowel milieu- als gezondheidsdoelstellingen.
Zijn er verschillen tussen transport van particulier en professioneel asbestafval?
Ja. Particulieren mogen kleine hoeveelheden hechtgebonden asbestafval zelf naar het recyclagepark brengen, mits correcte verpakking. Profielen of bedrijven gebruiken een erkende afvalinzamelaar en volgen het volledige transportprotocol.
Wat verandert er effectief in 2025?
In 2025 wordt de implementatie van opleidingsvereisten en controlemethoden binnen het kader van het sectorprotocol verder versterkt. Bedrijven krijgen tot dan de tijd hun interne werking aan te passen. Nadien volgen systematische inspecties.
Wie kan helpen bij het naleven van de regelgeving?
Erkende specialisten zoals Asbest Verwijderen JK kunnen je begeleiden bij het inpakken, transporteren en registreren van asbestafval conform de Vlaamse regels van 2025.
Het transport van asbestafval in Vlaanderen in 2025 gebeurt binnen twee kaders: de ADR-wetgeving als basis en het sectorprotocol als werkbaar alternatief voor hechtgebonden asbest. De regels vereisen een combinatie van opleiding, juiste verpakking, signalisatie en volledige transportdocumentatie. Dankzij de samenwerking tussen OVAM en sectorpartners zijn er uitzonderingen toegestaan om het transport haalbaar maar veilig uit te voeren. Wie in regel is, voorkomt boetes en draagt bij aan een asbestveilig Vlaanderen tegen 2040.